Wat “zien” ik ? 153

Door Staf Knop

Het zal wel te maken hebben met mijn leeftijd, maar het overkomt me steeds meer om in bepaalde hedendaagse toestanden een link te zoeken met het verleden. Het gebeurde onlangs toen ik op het kleine scherm een foto zag van “The Beatles”, de Britse groep die het in de jaren zestig helemaal maakte. En nochtans… op de Vlaamse televisie liep toen het programma “Pro en Contra”, waarin Nand Baert en Willy Courteaux nieuwe plaatjes bespraken. Elk plaatje werd ook uitgebeeld en rechtstreeks gezongen door de betrokken ster. Voor elk plaatje schreef ik een kort scenario. Ene Jacques Verdonck, vertegenwoordiger van een platenfirma, stopte me het allereerste plaatje van “The Beatles” in de handen en zei dat het groepje in het programma kon optreden voor 40.000 Belgische frank. Ik gaf het plaatje aan Herman Verelst, toenmalig hoofd van de Ontspanningsdienst bij de Vlaamse televisie. Herman Verelst beluisterde het plaatje en zei prompt “dat het geen fluit waard was”. Het jaar daarop heeft hij 600.000 Belgische frank opgehoest om “The Beatles” op het scherm te krijgen. Pas op. Op dat moment was er geen mens in Vlaanderen die het anders dan Herman zou gedaan hebben.

De klimaattop in Parijs waaraan 195 landen deelnamen hebben een akkoord bereikt, dat “historisch”

is zei de voorzitter, Laurent Fabius. Tegen het jaar 2100 zou de opwarming van de aarde onder de twee graden moeten blijven en de anderhalve graad niet mogen overschrijden. Er is ook de belofte om vanaf 2020 elk jaar 100 miljard euro in het klimaatfonds te storten. Fabius noemde het ook “een evenwichtig en ambitieus akkoord” en werd op een staande ovatie onthaald. Ik leerde Laurent Fabius al veel eerder een beetje kennen als een ambitieus en zeer pretentieus politiek man. Ik kan me voorstellen dat hij zich nu een zeer gelukkig man moet voelen. Of het echter allemaal zal verlopen zoals werd afgesproken tijdens deze klimaattop zal nog moeten blijken. Van alle huidige deelnemers zal er in 2100 wel niemand meer getuigenis kunnen afleggen, zelfs niet wat er met die jaarlijkse 200 miljard werd aangevangen. De smog boven Peking en New York zou moeten weggewerkt worden, maar of men dat zal bereiken met de auto’s op warm water te laten rijden is nog maar de vraag. En is die smog waar dan ook, werkelijk de oorzaak van de opwarming van de aarde? Zou het niet kunnen dat onze aardbol wat verschoven is in de ruimte? Want…want ik kan me niet inbeelden dat het bij ons in december plots tot 15 graden warm blijft, waar het land vroeger al onder de sneeuw lag. En aan de Azurenkust is het plots minder warm. Allemaal omwille van de smog. Ik zie dat echt niet zitten, maar wie ben ik om daaraan te twijfelen?

En om nog eens terug te keren naar het muziekwereldje van toen en nu en hoe met Elvis Presley en Bill Haley die grote doorbraak ontstond van de gitaar, het instrument dat nu niet meer weg te denken is uit de wereld van het lichte lied. En toch was een kerel die er nog voor de Tweede Wereldoorlog stond op te krabben en de helft van Europa veroverde: Tino Rossi. Als Corsicaan belandde hij in Marseille in het begin van de jaren dertig. Met zijn zoetgevooisde stem kreeg hij alle vrouwen van Frankrijk aan zijn voeten, om in 1935 uit te pakken met de film “Marinella” en waarin hij zichzelf begeleidde op een gitaar. Dat was het begin. Dat ik diezelfde Tino Rossi vele jaren later tot mijn vriend zou mogen rekenen, was het verst van mijn gedachten. Later zou hij mij vertellen “nooit een noot uit een gitaar te hebben gekregen”.

TRossi

Met Tino Rossi, 1971

Rond 1935 was de Franse film in België zeer populair en zag ik een film met Fernand Gravey, die ook veel later een vriend zou worden. Fernand Gravey was trouwens een Brusselaar en zijn ware naam was Fernand Mertens. En ook hij zong een paar nummers in de bewuste film die nog voor de Tweede Wereldoorlog veel succes boekte. De film in kwestie was eigenlijk de bewerking van een Frans toneelstuk en kreeg als film de titel “Fanfare d’amour”. De tegenspeelster van Fernand Gravey was Betty Stockfeld. En is het verhaal daarmee ten einde? Nee meneer, want na de Tweede Wereldoorlog maakte Billy Wilder, de Amerikaanse cineast, kennis met “Fanfare d’amour” en draaide er een Amerikaanse versie van. En het werd “Some like it Hot” met Tony Curtis, Jack Lemmon en Marilyn Monroe. Zo maakt men geschiedenis, mensen. En ik kan nog verder gaan. Want na de oorlog werd ik dus bevriend met Fernand Gravey en vertolkte hij in Parijs de hoofdrol in de komedie “Je l’aimais trop” van de Franse académicien Jean Guitton. Ik zag de voorstelling en werd verliefd op de rol van Fernand, in zoverre dat ik het stuk vertaalde onder de titel “Liefderoes” en zelf de hoofdrol vertolkte in de Koninklijke Vlaamse Schouwburg te Brussel. En Fernand kwam kijken. Nu jij!

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s