Wat “zien” ik? 143

Door Staf Knop

De Belgische minister van Defensie heeft ontdekt dat Noord Afrika een rotte plek is op Aarde, waar terreurbendes het hoge woord voeren. Omdat ze ook een bedreiging zijn voor de veiligheid in Europa en dus ook voor België, wil hij troepen sturen naar die streken om die bendes mores te leren. Daar heb ik effekes moeten bij lachen. Om te beginnen bestaan die bendes daar al eeuwen en inderdaad…dat is geen reden om er niet tegen in te gaan. Anderen hebben dat echter al gedaan en zijn van een kale kermis teruggekeerd. Die bendes komen ginder als paddenstoelen uit de grond. Of onze Belgische ploeken er zouden in slagen om ze uit te roeien, is maar de vraag.

Mijn eerste kennismaking met Noord Afrika dateert al van 1972. Jacques Nellens, erfgenaam van de casino’s te Knokke, Chaudfontaine en het Marokkaanse casino te Tanger, had me benoemd als artistiek directeur van alle casino’s die tot zijn imperium behoorden. Omdat hij wist dat ik de casinowereld kende als mijn broekzak, benoemde hij mij ook en in het geheim om niemand tegen de borst te stuiten, tot co-directeur van de speelzalen. Samen trokken we aanvankelijk naar Tanger, waar Jacques mij voorstelde aan de directeur van zijn casino. In de speelzaal ontwaarde ik een paar kerels die aan de roulettetafel zaten, met voor hen een berg fiches van elk duizend Dirham. Ik vroeg de directeur “wie die mannen waren”, waarop ik als antwoord kreeg dat het smokkelaars waren. Hij vertelde me verder “dat ze de haven kwamen binnengevaren met een speedboot volgepropt met duizenden pakken Amerikaanse sigaretten. Die werden onmiddellijk verkocht en die mannen kwamen dit vieren in het casino.

“En wat doet de politie”, vroeg ik wat impulsief.

“Delen”, zei hij.

Enkele dagen later vertoefden Jacques en ik te Marrakech, waar we enkele dagen zouden verblijven. We bezochten er ook een casino, waar het er zeer druk aan toeging. Op een bepaald ogenblik verscheen er een man in de speelzaal, geflankeerd door twee stoere kerels. Het betrof generaal Oufkir, die in Marokko als “de schrik” werd beschouwd. We zouden vlug begrijpen in hoeverre. Oufkir was een gokker en aan de roulette zette hij een bedrag op het nummer veertien. Toen het balletje in het nummer twee viel riep de croupier: “De veertien voor meneer Oufkir en de twee voor de anderen”.

Dit tekende de levenswijze in het land, waardoor ook die terreurbendes bleven bestaan. Of die mentaliteit nu tot het verleden behoort is mogelijk de vraag waarop “onze jongens” het antwoord kunnen vinden.

De Amerikaanse ambassadrice, Denise Campbell Bauer, vindt dat ons land te weinig investeert in defensie. Ze verwijst hiermee naar de Navo-top die vorig jaar plaats had in Wales en waar België bepaalde beloften zou hebben gedaan in verband met defensie…die het niet kan nakomen. Ik vraag me anderzijds wel eens af waarmee dat mens zich moeit en in welke mate België nog meer zou moeten investeren in defensie. En waarom? In verband met defensie kan ons land nooit een grote rol spelen, vooral niet wanneer met defensie grondwapens worden bedoeld. Eventuele conflicten zullen zich nooit meer afspelen in de loopgraven, zoals in het verleden. En wat de luchtwapens betreft kijken we nu nog met tranen in de ogen naar de lucht wanneer een F-16 het luchtruim doorkruist. Nee, indien we moeten investeren is het naar mijn gevoel zeker niet in defensie. Tenzij het hoogst noodzakelijke. En laten ze daar bij de Navo België geen grotere rol toewijzen dan de oppervlakte van het land. Wij blijven tenslotte het kind van de grote mogendheden.

Stromae, dat Brussels ketje met vreemde roots, is plots als uit het niets verschenen en heeft nu de New Yorkers volledig ingepalmd. In een uitverkochte Madison Square Garden heeft hij hen op een show onthaald, waarover een recensent schreef “dat hij God had ontmoet”. Als Brusselaar voel ik me daar zeer goed bij. Maar er is meer. De jongste tijd valt het mij op dat er steeds meer Belgen uit ons eigen Vlaams filmbedrijf, een weg vinden in de Verenigde Staten. Dat was al zo voor Felix Van Groeningen, en de niet te vergeten Mathias Schoenaerts, en dat is nu ook zo voor Robin Pront, de maker van de film “D’Ardennen”, met Kevin Janssens en Veerle Baetens. Ik zit alvast te popelen om die film te zien, om verschillende redenen. Ik ben fan van Kevin Janssens en van Veerle Baetens, maar ik ben vooral nieuwsgierig naar de inhoud van “D’Ardennen”. Eindelijk een film die zich niet op onze boerenbuiten afspeelt. België heeft zoveel meer te bieden.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s