Wat “zien” ik ? 134

Door Staf Knop

Naar het schijnt zou de opwarming van de aarde een bedreiging vormen voor het aantal kopjes koffie dat we dagelijks door ons keelgat spoelen. De koffieteelt kan niet tegen de warmte, niet tegen de regen, niet tegen de droogte en niet tegen de stormen. Nu moet het zo nodig dat die dingen allemaal gebeuren in die landen waar ze van de koffieteelt leven: Brazilië, Vietnam, Colombia en Indonesië. In de rest van de wereld zuipen ze dagelijks 2,25 miljard kopjes koffie. Ik vraag me af wie dat is gaan natellen. Bovendien ken ik wel een paar vrouwen die daarvan één miljard voor hun rekening nemen. Vreemd toch dat er in de wereld zoveel koffie wordt gedronken. Ik herinner me dat er ten tijde van de Tweede Wereldoorlog al fortuinen werden uitgegeven voor een zak van vijftig kilo koffie. Toen ik in 1943 in Berlijn ronddoolde moest je minstens met een half varken op de proppen komen voor een pakje koffie van 250 gram. Indien de Britten het met hun thee konden stellen, was dat niet zo voor de Duitsers. Laat ons maar hopen dat het ontbreken van de dagelijkse koffie geen nieuwe oorlog uitlokt.

En waar de ster bleef stille staan, zei Timmermans, en hij keek naar de hel. In de Verenigde Staten heeft president, Barack Obama, ook naar de hel gekeken toen hij de gevolgen aanschouwde van de opwarming van de aarde in de film “The Day after Tomorrow”. Hij heeft nu een plan uitgedokterd dat de opwarming van de aarde moet afremmen. Hij richt zijn pijlen daarvoor op de kolencentrales die meer CO2 uitstoten dan verwarming, auto’s en vliegtuigen samen. Tegen 2030 zou die uitstoot van die centrales met een derde worden teruggedrongen. De deelstaten krijgen twee jaar de tijd om zijn voorstellen uit te werken. Het feit dat de economische slagkracht fel zou verminderen en dat het duizenden banen zou kosten, noemt Obama bespottelijk. Anderzijds is het een feit dat Obama in 2016 met nieuwe presidentverkiezingen moet rekenen en dat hij niet meer aan bod komt. In dat vooruitzicht is het nogal gemakkelijk om met ideeën uit te pakken, waarvan de uitslag je niet meer kan raken. Dit houdt niet in als zou zijn idee niet goed zijn. Alleen…in 2030 zullen er van de huidige generatie niet zoveel meer overblijven om er over te getuigen. En dat weet Obama ook.

Met uitzondering van Canvas laten de Vlaamse Tv-zenders dagelijks films op de kijker los zonder generiek. Het is immers een mode geworden dat filmmakers, waar ook ter wereld, hun films starten met onmiddellijke actie en de generiek op het einde van de film geven. Dat is ten nadele van de acteurs, de scenaristen en de hele crew. Omdat de Tv-zenders niet alleen in Vlaanderen, maar overal ter wereld, die generiek aan hun laars lappen en het einde van een film laten volgen door reclame. Ik zal wel de eerste zijn om daarover zijn beklag te maken. Men kan dit niet belangrijk vinden, maar ik vind dat de acteursgilde hierover een serieus protest zou moeten indienen. En dan heb ik het nog niet over de scenaristen, die hetzelfde lot ondergaan van auteurs, die bij de aankondiging van hun toneelstukken niet eens meer worden vermeld. En ik weet waarover ik spreek. Wanneer een regisseur een toneelstuk van Shakespeare heeft geradbraakt staat zijn naam in grote letters op de affiche. Zij zijn de moordenaars van de cultuur.

Indien ik vandaag de dag zou beweren dat Vlaanderen rijk is aan artistiek talent, zou ik ongetwijfeld tekort schieten aan deze zienswijze in de tijd. Ik zou inderdaad niks uitvinden, want het talent is er altijd geweest ook al ging het aan mij voorbij. Dat mocht ik dezer dagen vaststellen toen ik op Eén naar de “Topcollectie van Bart Kaëll” keek. Indien het waar is dat ik in het verleden wel wat te maken had met die liedjesprogramma’s op het Tv-scherm, is mijn belangstelling wat dat betreft wel wat verwaterd de jongste twintig jaar. Nu, na al die jaren ontdekte ik in Bart Kaëll een artiest met een uitzonderlijk talent: dàt van de gave om met zijn muziek en zijn liedjes een warmte uit te stralen naar het publiek toe. Al van in de jaren tachtig moet dat opgevallen zijn, want zijn succes is als het ware meegegroeid met hem. Ik vraag me af waarom hij er niet stond in de jaren zeventig, toen ik instond voor de programmatie in het Casino Knokke. In die tijd haalde ik een stunt uit met “Will Tura International”, maar met de huidige Bart Kaëll zou ik Vlaanderen hebben doen opkijken en achterover vallen. Bart heeft iets om tot ver over de grenzen te brengen. Het herinnert me aan de dag toen ik voor het eerst Helmut Lotti aan het werk zag en zijn manager, Piet Roelen, de raad gaf om met die jongen een andere koers te kiezen. Dat gebeurde ook en we hebben gezien tot waar het Helmut geleid heeft. Vlaanderen vraagt zich nu af waarom Helmut Lotti daarmee gestopt is en opnieuw terugkeerde naar dat heupen wiegen en zijn liedjes van niks.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s