Wat “zien” ik ? 130

Door Staf Knop

Voor mij is die hittegolf niet het begin van de zomer, maar wel de start van de Ronde van Frankrijk. Al van jongs af werd ik als het ware gedwongen om mij voor die Ronde te interesseren. Dat begon al voor de Tweede Wereldoorlog. Ik was zo’n jaar of vijftien toen mijn vader zoals naar gewoonte, in het tuintje van mijn grootmoeder zat. Dat gebeurde elke zondag, dag waarop hij het gezelschap kreeg van zijn broer, mijn nonkel Wayt. Die nonkel Wayt was iets jonger dan mijn vader en een verwoed pijproker. De geur van zijn tabak is mij jaren bijgebleven. Samen bespraken zij de gebeurtenissen van de week en de Ronde van Frankrijk speelde daarbij een belangrijke rol. Het was de tijd van Sylveer en Romain Maes. En elke zondag was het mijn feest. Ik kreeg opdracht om voor hen een gazet te gaan halen. Goed. Maar die gazettenwinkel was vijf kilometer verwijderd van dat tuintje. Ik deed het echter met plezier want wanneer ik terugkeerde mocht ik eens trekken aan de pijp van mijn nonkel Wayt en kreeg ik twee frank “voor mijne zondag”. Daarmee ging ik naar de cinema en kocht ik mij een sandwich met vleessalade in de Rue Neuve in Brussel. Van mijn peter, die een oud strijder was van 14-18, en die voor 20 frank tegen een beer had gevochten in het dorp, kreeg ik af en toe een Belga. Dat was een muntstuk van vijf frank. En eigenlijk was ik de gelukkigste knaap ter wereld.

Dit is een eenvoudig verhaal, maar als je het vandaag bekijkt terwijl je naar de Ronde kijkt op de televisie, krijgt het een ongelooflijke dimensie. En meteen een herinnering die je diep treft.

Na de schandalige verkrachtingsscène in “Willem Tell” van Rossini, waarvan de première plaats had in het Londense Opera House en die door het publiek en recensenten op boe-geroep werd onthaald en die ik vorige week aan de kaak stelde, was er nu een ander geval die een gelijkaardig protest uitlokte. Tijdens het theaterfestival van Aix-en-Provence gebeurde het in de voorstelling van “Die Entfûrung aus dem Serail” van Mozart. De Oostenrijkse regisseur, Martin Kusej, voegde er in bebloede vodden gewikkelde hoofden van onthoofde gevangenen aan toe, een scène die door de festivaldirecteur, Bernard Focroule werd geschrapt. Kusej is kwaad en verdraagt niet dat er in zijn stuk werd geschrapt. Zijn geschrapte scène roept echter bedenkelijke gebeurtenissen op, waardoor hij naar mijn gevoel het verbod verdient om nog ooit wat dan ook te regisseren.

De Griekse crisis is zo stilaan een “komiekske” geworden waarvan Europa maar niet vanaf geraakt. Het zou ook geen zin hebben want hetzelfde probleem staat voor de deur met andere lidstaten. Vreemd toch, wanneer ik bedenk dat een verenigd Europa al het mikpunt was van Napoleon, en vervolgens van Adolf Hitler. Ze hebben er hun tanden op gebroken. Veel later is Angela Merkel er in geslaagd om zonder slag of stoot de grote baas van Europa te worden, terwijl nu blijkt dat een Europese Unie de onmogelijkheid inhoudt om sereen stand te houden. Spijtig eigenlijk, want op papier is het een mooi beeld.

Ondertussen is men er in de Verenigde Staten toe gekomen om besparingen uit te voeren in het leger. Mij lijkt dat een maat voor niks, want het gaat er om van de 500.000 bestaande soldaten af te slanken tot 450.000. Indien ik in verband met de besparingen die zowat overal in het Westen aan de orde zijn, een woord zou mogen zeggen, dan zou ik in eerste instantie willen besparen op de wapens en de strijd opvoeren tegen de wapensmokkel. Vooral wanneer ik zie hoe die terroristische bendes in de derde wereld, uitpakken met werkelijke oorlogswapens. Hoe komen ze daaraan? Wapensmokkel is van alle tijden en de strijd er tegen ook. Maar in de Verenigde Naties weten ze blijkbaar van niks, terwijl er vooral daar zou moeten overeengekomen worden om de wapensmokkel met alle middelen te bestrijden. Afzonderlijk doet elk land er wat aan, maar is dat niet alleen schijn? Pas op, het kleine België is wat dat betreft niet onbespreekbaar. Ik wees er echter al op, ondergronds is die derde wereldoorlog al lang een feit.

Dat Brussel al niet tot de properste steden van Europa behoort wisten we al. Nu lezen we in de kranten: “De voetgangerszone van Brussel baadt ‘s ochtends in de vuilnis”. Wat had je dan verwacht? Het grootste aandeel van de bevolking is het al niet gewoon om in een paradijs van reinheid te leven. Bovendien kan je het die mensen niet verwijten. Het creëren van een vrije voetgangerszone is als het ware een uitnodiging om het eens lang te laten hangen. En dat terwijl ik in Brussel een tijd heb gekend, toen men je scheef aankeek wanneer je op straat durfde spuwen of een sigarettenpeuk weggooien. Kom jongens, ik weet het wel, ik ben niet meer van deze tijd. Maar ik zei het al: naar de hel met jullie tijd.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s