Wat “Zien” ik ? 95

Door Staf Knop

De aanhoudende onheilsberichten over de boekensector beletten niet dat de voorzitter van de boekenfederatie meent dat  de toekomst van het boek er niet slecht uitziet. Gezien de vele besparingen is het niet eenvoudig om aandacht te krijgen voor de literatuur. “Het zal creativiteit vragen om te bewijzen dat we onze plaats in het culturele landschap verdienen”, aldus de voorzitter van Boek.be en inrichter van de 78ste Boekenbeurs. Deze bewuste creativiteit  gebeurde dit keer met te focussen op strips, digitale boeken en bekende auteurs. Waarmee de doorsnee bezoeker van de Boekenbeurs niet wijzer wordt over wat hij kan  vernemen wat er zoal in die duizenden boeken staat. Hij verdwaalt in de Boekenbeurs als in een groot doolhof en gaapt de “bekende auteurs” aan, die hij kent van de televisie. De meesten hebben ook niets te maken met literatuur, maar met “patat friet en mayonaise”. Nee, jongens, ga maar eens te rade bij Donald Muyle om te weten hoe hij er toe gekomen is om drieduizend keukens per jaar te verkopen.

Het is dus een uitgemaakte zaak, met “De Slimste Mens ter Wereld” heeft Vier TV de topper van de jongste jaren te pakken en men kan zich afvragen waaraan dat ligt. Mij lijkt dat voor de hand liggend: aan Erik Van Looy. Al is “het format” uiterst sterk, het blijft afhangen van de manier waarop het wordt gepresenteerd, samen met de mensen die de jury vormen. Dit programma moet niks hebben van saaie mensen. Dat blijft duidelijk. Wat ik me bij dit alles afvraag is of de  humoristische grappen die op de kijker worden afgeschoten, vooraf worden afgesproken. Zoiets zou moeilijk te geloven zijn omdat de manier waarop ze worden uitgebraakt te spontaan overkomt. Ik zie Herman Brusselmans zijn vette, maar leuke uitspraken niet vooraf repeteren. Voor mij mag “De Slimste Mens…” nog jaren doorgaan, tot Erik Van Looy met stokken gaat.

Het is vreemd, maar het was jaren geleden dat ik me na het bekijken van een film volledig tevreden kon achten. Een paar weken geleden gebeurde dat echter met twee films. De eerste keer was het alsof ik opnieuw met beide voeten in de Tweede Wereldoorlog stond na het zien van “Fury” met Brad Pitt. Een volgende keer kreeg ik nagenoeg een erectie tijdens het bekijken van “Midnight in Paris”, de schitterende film van Woody Allen en waarin Carla Bruni een bijrolletje vertolkt. Ik voelde me echter sterk verwant met Woody Allen en zijn visie op het maken van een filmkomedie.

Al toen ik twintig was werden ook mijn dromen vaak verstoord door een kijk op de tijd van de “Belle Epoque”, de tijd van de French Can Can en de Moulin Rouge, de tijd van Toulouse Lautrec en “de dame met de camelia’s”. Ik zag me in de plaats van Armand Duval, de nog steeds niet overtroffen jeune premier die haar in zijn armen mocht nemen. Ik stelde me in de plaats van Alexandre Dumas die de bewuste roman schreef, terwijl hij waarschijnlijk de enige was die wist dat zijn bewuste dame met de camelia’s ook echt bestond. Velen weten het nog steeds niet. Het is ook zo lang geleden, maar daarom is de tijd die Woody Allen in zijn film oproept zo mooi. Dergelijke films zouden de verplichting moeten inhouden om ze te bekijken.

Zowat twintig jaar geleden schreef ik dat “een te grote vrijheid onvermijdelijk moet leiden naar de ondergang van de beschaving”. Het was een uitschuivertje van mijnentwege, maar ik meende wel wat ik zei. Ondertussen leven we nog steeds verder in een wereld van geweld en criminaliteit. In zoverre dat paus Franciscus thans spreekt over “de cultuur van de vernietiging van de moderne mens”. Hij had het over “het verwoesten van het leven, van cultuur, van waarden en de hoop” en “vroeg God om deze dwaze race te stoppen”. Hij wees verder op de miljoenen vluchtelingen in het Oosten en riep de gelovigen op om “te denken aan die miskende heiligen”. Ik geloof niet dat God er iets mee te maken heeft, terwijl het geloof in wat dan ook, al miljoenen slachtoffers heeft geëist. Het is duidelijk dat God of het geloof wordt misbruikt om hun misdaden te verrechtvaardigen. Het is niet mogelijk dat God dergelijke moordpartijen eist. Het wordt tijd dat de dingen bij hun naam worden genoemd en dat God met rust wordt gelaten. Paus Franciscus meent het goed met wat hij zegt, maar het zal niet volstaan om terug te keren naar een tijd van beschaving, waarvoor zoveel strijd werd geleverd. We moeten terug naar de tijd van de romantiek, de tijd van verdraagzaamheid en de liefde voor de evennaaste. Ik hou van paus Franciscus en ik heb alle redenen om te geloven in de almachtige, maar ik vrees dat een terugkeer naar een tijd van vrede en begrip voor de andere, met andere normen zal moeten gebeuren. Indien het geloof in God daartoe zou volstaan zal de wereld zich opnieuw gelukkig voelen.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s