Wat “zien” ik ? 93

Door Staf Knop

Het Antwerpse “Theater aan de Stroom” zou met ernstige financiële problemen af te rekenen hebben. Het is een van de weinige theaters in Vlaanderen waar nog echt toneel wordt gespeeld. Ik ga hier geen boom opzetten over het verschil tussen goed en slecht toneel,  het goed toneel is altijd de hefboom geweest naar een beschaafde en betere wereld. De rest is choquerend. Ik ben nooit tot in het “Theater aan de Stroom” geraakt, maar ik weet wel welke stukken uit het wereldrepertoire er worden gespeeld en welke acteurs er op de bühne komen. Ook de auteurs worden er nog  gerespecteerd (ik ga nooit naar het theater waar de auteur van het gespeelde stuk niet wordt aangekondigd), wat bij vele gezelschappen niet meer het geval is. Indien onze nieuwbakken minister van Cultuur (Sven Gatz) daar allemaal enige aandacht zou aan besteden, zou hij meteen bewijzen op zijn plaats te zitten. Het theater is sinds vele jaren de meest stiefmoederlijk behandelde kunst onder alle kunsten geweest. Het is tevens de hoogste tijd om de Vlaamse jeugd opnieuw “te leren spreken”, te beginnen langs de toneelverenigingen. Ik heb de tijd meegemaakt dat er in Groot Brussel 25 liefhebbersverenigingen aan het werk waren en in Antwerpen nog meer. Bij het beroepstheater kwam het “Nationaal Toneel” tot stand, waarvan sommige producties internationale bekendheid verwierven. Wie heeft dat allemaal kapot gemaakt? Ik zou het kunnen uitleggen, maar het komt er nu op aan bepaalde krom getrokken feiten opnieuw recht te trekken. En dat is voor het grootste gedeelte de zaak van de minister van Cultuur, zonder zich te bekommeren om het klassieke antwoord “dat de tijden veranderd zijn”.

Toen Jan Walravens me vijftig jaar geleden “de glimlachende observator” noemde vroeg ik me af wat hij daarmee precies bedoelde. Nu is er niemand meer die weet wie Jan Walravens was. Hij was een groot journalist en een even groot kunstkenner. Toen ik naar een schilderij keek van onze gezamenlijke kameraad, Karel Appel, snapte ik er geen fluit van. Jan probeerde me uit te leggen dat  het schilderij een man en een vrouw voorstelde en…verdomme, ik zag het ook. Vandaag keek ik naar de “State of Union” van de nieuwe premier, Charles Michel, en onvermijdelijk moest ik aan de uitspraak denken van Jan Walravens. In mijn gedachten had ik het al allemaal zien gebeuren, de “boenk erop” van Laurette Onckelinx inbegrepen. De glimlach was niet van mijn gezicht weg te krijgen. Tot ik als het ware tot een luide lachbui gedwongen werd. Want…wie krijgt het nu in zijne kop om die Jan Jambon minister te maken? En dan nog niet van nutteloze zaken, maar wel minister van Binnenlandse Zaken. Toen ik hem zag de eed afleggen tegenover de koning, dacht ik dat hij het zou doen met de Hitlergroet. Het scheelde trouwens geen haar. Daar heeft den Bart, die al een tijdje  geleden zijne staart wat heeft ingetrokken, zijn vinger diep in zijn oog gestoken. Akkoord, Jambon was de man die het best zijn eigen ideeën kon aan de man brengen. Maar niet met hetzelfde verstand. En dat was een zware fout van den Bart. Maar ondertussen zitten we er wel mee opgescheept. En wat dat betreft mag ook Charles Michel zich op de borst kloppen. Het verleden van de N-VA is voor niemand een geheim meer. En zeker niet voor hem, met een vader die de geschiedenis van België zou kunnen schrijven. Ik geloof dat we nog een schoon stuk gaan spelen.

De Britse succesauteur, Bret Easton Ellis, die de juryvoorzitter was van het Gentse filmfestival, was niet mals voor “The Loft”, de Amerikaanse remake van de film van Erik Van Looy. Hij vindt het zelfs “de domste film die ik ooit gezien heb”. Hij hekelt “de idiote dialogen en belachelijke plot twists” en is anderzijds fan van de Waalse Dardennes omwille van “hun naturalistische stijl die tegelijk choquerend is en verfrissend”. Je moet het maar kunnen zeggen en naargelang de verkoop van zijn boeken, kan hij het ook schrijven.

Toch kan ik het niet eens zijn met Easton Ellis, zonder me te willen vergelijken met deze succesauteur, maar indien ook ik de Vlaamse versie van “The Loft” als geen hoogvlieger beschouwde, zag ik ooit veel slechtere films en ben ik het ook niet eens met zijn mening over de films van de Dardennes, die ik als dikke flauwe kul beschouw waarin wordt ingespeeld op de controversiële goesting van de jury in Cannes. En dus ook op de zijne. Ik ken Erik Van Looy niet persoonlijk, maar ik bewonder wel zijn films. Indien hij tot nog toe niet het Vlaamse meesterwerk heeft afgeleverd, ben ik er van overtuigd dat hij dat vroeg of laat kan doen. Hij beschikt ongetwijfeld over het talent om ooit een prent af te leveren die zelfs de Amerikanen het nakijken zou geven. De jongste jaren hoeven die trouwens niet meer zo hoog van de toren te blazen, want ook bij de meeste van hun hedendaagse films kan ik alleen maar de schouders ophalen. Maar ja, ik ben niet controversieel.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s