Wat “zien” ik ? 41

Door Staf Knop

Mochten sommigen wat raar hebben opgekeken bij mijn korte verschijning in “Royalty” op VTM, wil ik me daar graag bij aansluiten. Vooral omdat het bewuste interview nagenoeg drie kwartier heeft geduurd en opgenomen werd in hotel “La Réserve” te Knokke-Heist. Ik werd er aan de tand gevoeld over mijn allereerste job, hetzij privé telefonist voor koning Leopold III op het koninklijk paleis te Laken en dit van 1937 tot 1943. Dat er van het interview meer dan de helft zou wegvallen leek me geen probleem. In de loop van dergelijk gesprek zegt men dingen die niemand interesseren. Om het in de uitzending te beperken tot anderhalve minuut en het op de koop toe te laten voorafgaan tot nagenoeg tien minuten reclame waarvoor ze zelfs tot in de kelder zijn gaan zoeken, moet men andere redenen hebben. Bij VTM kan men gebeurlijk inroepen dat ik onverstaanbare taal uitkraamde, wat voor diegenen die mij kennen onverklaarbaar zou overkomen. De andere redenen is dat ik een monarchist ben en daar ook voor uitkwam. Ik sprak over de houding van koning Leopold III tijdens de Tweede Wereldoorlog en het feit dat de koning weigerde om naar Londen te vluchten en bij zijn volk wilde blijven, zoals zijn vader dat heeft gedaan in 1914. Tenslotte verkondigde ik ook dat koning Filip een fantastische koning zou worden en dat Mathilde een geschenk van God is voor België.

Bij VTM moet het allemaal in het verkeerde keelgat geschoten zijn en voelde men zich waarschijnlijk niet geneigd om dergelijke reclame voor het koningshuis te laten verschijnen. In dit geval moet ik inroepen “dat men er voor of tegen is”. Het antwoord lijkt mij duidelijk.

En nu ik het toch over het medium heb dat ons allen grotendeels in beslag neemt, zeker de zondagavond: de televisie. De VRT lijkt mij op Eén opnieuw over een hoogvlieger te beschikken met “De Ridder” met Clara Cleymans in de hoofdrol. Te oordelen naar die eerste aflevering is men weer goed voor een paar jaar, ofschoon men de werkelijke inhoud niet origineel kan noemen. Het gaat immers over een zogenaamde pedofiel die het vandoen heeft met een voetbalploegje met kinderen. Men had het evengoed over een pater kunnen hebben of waar die pedofielen ook te vinden zijn. De vertolking van Clara Cleymans is echter verbluffend. Ze is jong en mooi en geeft haar personage de vereiste geloofwaardigheid mee. Ook alle andere vertolkers verdienen een pluim, wat eveneens kan gezegd worden over het scenario en de realisatie. Knap werk. En het kan me niet schelen of dit nu allemaal strookt met de werkelijkheid. Het is fictie.

De Franse politica, Ségolène Royal, heeft een brief gericht aan premier Elio Di Rupo met het verzoek om de “ontgroeningen” of het dopen van studenten te verbieden. En of ze gelijk heeft. Ik heb daar nooit iets anders in gezien dat een varkensfeest, het openen van de poort naar de hel, of de genoegdoening van enkele toekomstige bandieten. Met ontgroening heeft het alleszins niets te maken. Het verbaast me echter dat dergelijk verzoek vanuit Frankrijk moest komen. Is er dan nooit iemand van onze politieke beunhazen op dat idee gekomen? Waarschijnlijk niet, want er is geen voordeel uit te halen, geen poen en geen stemmen. En kijk…blijkt plots dat Elio Di Rupo niet te vinden is om dergelijk verbod uit te voeren. En dat op het moment dat zijn regering goed werk heeft geleverd en met vertrouwen naar de verkiezingen mag afstevenen. Wat bewijst: nobody is perfect.

Indien ik hier nooit mijn grote liefde heb uitgesproken voor het voetbal, moet ik me nu verheugen in het feit dat de Rode Duivels goed op weg zijn om de Belgen hun vaderlandse gevoelens terug te schenken. En dat vind ik een reden om hen toe te juichen. Ze hebben zelfs die andere Belg, Stromae, ingeschakeld. Die kerel is er zelfs in geslaagd de Amerikanen in te palmen. Wat voor een keer niet andersom is. Stromae heeft iets van Brel en dat kan ik beamen. Het geeft mij een goed gevoel en ik ben er van overtuigd dat ik niet de enige ben. Vreemd toch…het is de tweede keer dat het me overkomt om een Belg te huldigen omdat hij het maakt in de Verenigde Staten. En twee keer gebeurde dat met een vriend en twee keer betrof het een Brusselaar: Jacques Brel en Fernand Gravey, die eigenlijk Fernand Mertens noemde. Gravey maakte het destijds in Hollywood, nadat hij in Parijs “le prince des comédiens” werd genoemd. Iets moet me daarbij van het hart. Met zijn vooroorlogse film “Fanfare d’Amour” zou Fernand Gravey niet alleen Frankrijk en België plat krijgen. In Hollywood kreeg Billy Wilder het te pakken en draaide er een remake van met Marilyn Monroe, Tony Curtis en Jack Lemmon: Some Like It Hot”. Moet er nog zand zijn?

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s