Wat “zien” ik? 25

door Staf Knop

De reportage van Tom Staal van de Nederlandse website Geen Stijl, over het gefoefel van sommige Europarlementsleden, toonde nog maar eens aan wat ik hier al herhaaldelijk onderstreepte. De Europese Unie is een ideaal toevluchtsoord voor bepaalde onbekwame politici, die er overigens niets van bakken maar hopen geld opstrijken, alleen maar om er te komen pointeren en weer te verdwijnen. En zoals altijd zijn er goeden en slechten. In dit geval zullen er wel meer slechten dan goeden zijn. De munteenheid is ongetwijfeld een goede zaak geweest, maar met 28 landen is het te veel van het goede. Ik ga hier niet herhalen wat ik al eerder heb gezegd en bovendien ben ik maar een stem in de woestijn.

Europa spant de strijd aan tegen de jeugdwerkloosheid en trekt daarvoor acht miljard euro uit. Welke strijd dan? Zullen ze de jongeren tegen hun kont stampen omdat ze niet willen werken? Het zou niet helpen want de samenleving heeft hen zo gemaakt. Deze wereld draait al lang niet meer rond en is het slachtoffer geworden van zijn eigen ambitie, met aan de basis de ontwikkeling van de technologie. Maar dat is praat voor de vaak. Het probleem van de jeugdwerkloosheid ligt naar mijn gevoel niet bij de jongeren, maar bij de bedrijven die naar adem snakken en zich genoodzaakt zien om personeel te ontslaan. Besparingen zijn een internationaal gebod geworden. Europa telt zes miljoen jongeren die werkloos zijn. Hoe is het zover kunnen komen? Ik durf me daarover niet meer uitspreken. Ze zouden wel denken dat ik het met Europa niet zozeer zie zitten. Toch?

Dat de televisie heel wat goede kantjes heeft kan niet betwist worden. Zo kijk ik al jaren trouw naar “De Canvascrack” van Herman Van Molle. Die man is waarachtig deel gaan uitmaken van mijn manier van leven. Alleen al daarvoor blijf ik hem huldigen, maar ook om de goede reden dat zijn quizprogramma het beste is in zijn genre, waar dan ook. Het is een genot om er naar te kijken, terwijl men een pak wijsheid opdoet. Ik wil Herman daarvoor graag bedanken en hopen dat hij het nog jaren kan volhouden. En ik ook…

Met de opwarming van de aarde heeft Barack Obama, president van de Verenigde Staten, ogenschijnlijk zijn speenvarkentje te pakken, wat Al Gore hem heeft voorgedaan. Niemand keurt hem af want het land heeft voortdurend te maken met orkanen, of ze nu Katarina noemen of Pietje Snot. Ze tonen aan dat er wat moet gedaan worden indien er nog niet meer mensen door het water naar de haaien gaan. Iedereen is er gevoelig voor en dat zal Obama geweten hebben. Niemand zal hem dat verwijten. Maar ik herinner me geen goedkeuring van Kioto door Amerika. Comme quoi, dat mensen van mening kunnen veranderen…als het hen uitkomt.

Wat mij de jongste tijd zo geweldig opvalt is het verdwijnen in Vlaanderen van al die toffe wijven.

Waar zitten de Pheadra’s, de Joyce De Troch’s, de Tersago’s, de Tania’s en de Goedele’s die al bijna met stokken gaan? Binnenkort zitten er bij K3 een paar grootmoeders. Vreemd toch, al die mooie meiden die oud worden en niet vervangen worden. Tenzij ik blind ben voor de nieuwe lichting. Hetzelfde is me overkomen met al die verleidelijke Hollywoodgodinnen van toen. Hoezeer dweepte ik niet met Shirley MacLaine, met Lauren Bacall of met Kim Novak. Ze zijn niet meer om aan te zien. En dat vind ik zo verdomd spijtig. Het zet een domper op al mijn dromen…voor zover ik die nog heb. Gelukkig heb ik mijn herinneringen die de zoutkorreltjes vormen van het leven. Met de tijd worden die echter zwaar als molenstenen. Vroeg of laat zal ik er onder bezwijken.

Intussen is het weer zover, de Ronde van Frankrijk is gestart en voor mij betekent dat “een jaar er bij”. Het groen was nog niet vanachter mijn oren toen ik de jaren al begon af te tellen met de Ronde van Frankrijk. Dat gebeurde in 1949 toen ik mijn journalistieke carrière begon als sportredacteur en ik als eerste opdracht dagelijks een column diende te schrijven over het verloop van de Ronde. Het was een leuke job, maar toch keek ik er tegen op. Ik kende eigenlijk geen fluit van de sport en dat is nooit veranderd. Maar ik ben wel een trouwe kijker van de Ronde. Zo deelde ik in het geluk van die jonge Jan Bakelants toen hij ze allemaal het nakeken gaf op Corsica. Zo’n kereltje dat zijn eerste overwinning beleeft bij de beroepsrenners. Het is mooi en ik geniet er van alsof ik zelf op dat podium sta. Voor mijn eerste voetbalverslag diende ik mij een boekje over het reglement aan te schaffen. Gelukkig stopte mijn rol als sportjournalist al na weinige maanden. Het toeval bracht me aan een ramp bij de kust. Ik was ter plaatse en schreef een verslag, een primeur. Op slag verhuisde ik naar “de grote redactie”. Ook zelf aan sport doen is nooit mijn ding geweest. Wat dat betreft volgde ik de lessen van Winston Churchill, die beweerde “dat hij telkens wanneer hij de neiging voelde opkomen om wat aan sport te doen, hij ging liggen tot het over was”.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

w

Connecting to %s